Italië 2017

mageo
van M.M. de Gorter

Italië 2017

In juni 2017 zijn wij, Rina, Gerard, Harry en ik naar Italie geweest. Rina en Gerard met een tent en wij met de caravan. Het was een vermoeiende, maar prachtige reis. We hebben veel gezien, gedaan, beleefd, gegeten en gereden.

Van Camping Californië, Horsterweg, Grubbenvorst, Nederland naar Camping Californië, Horsterweg, Grubbenvorst, Nederland
4512 Kilometer 31 Dagen 52 Waypoints
Dag 1

Camping Californië, Horsterweg, Grubbenvorst, Nederland

Horsterweg 23, 5971 ND Grubbenvorst, Nederland

Reisverslag naar Schweppenhausen

De rit naar Schweppenhausen verloopt voorspoedig. Na aankomst zetten we voor de eerste maal de tent op. Het regent een beetje, maar de tent staat snel. Gedurende de reis worden we er steeds vaardiger in en krijgt een ieder zn taak. 
We doen wat boodschappen en eten lekker op de camping.
Hoe fijn en rustig is het hier. Je hoor de vogels in de vroege ochtend en een uil de rest van de nacht. Hoe toepasselijk is dat: Uilen die naar uilen luisteren. 

Camping Aumühle Naheweinstraße 65, Schweppenhausen, Duitsland

Naheweinstraße 65, 55444 Schweppenhausen, Duitsland
Dag 2

Reisverslag naar Sempach

We staan relaxed op en ontbijten. De tent wordt afgebroken en we vertrekken. 
We hebben een mooie en snelle rit naar Sempach. Eerst de de tent opzetten. Het regent hard, dus we doen dat in record tempo. De stroompalen leveren wat problemen op, maar met hulp van alle buren is dit snel opgelost. Eerst maar een kop koffie. Tussen de buien door gaan we naar Sempach. Het is een lieflijk plekje. Niet groot, maar er is wel een terras. Oei, wat zijn de prijzen hoog in Zwitserland: bijna 25 euro voor 4 consumpties. Maar ja, je ben op vakantie of niet!

TCS Camping Sempach

Seelandstrasse 6, 6204, Sempach, Schweiz
Dag 3

Reisverslag reisdag en Pavia

In de regen rijden we uit Sempach en bij de Gotthardtunnel regent het nog steeds. We hebben 30 minuten file: dat valt erg mee. We worden geattendeerd op het luik van de caravan die openstaat: gelukkig maar dat er mensen zijn die zo opletten.
Na de tunnel schijnt ineens de zon en die is de hele trip blijven schijnen!
Na enig zoeken vinden we de camping. Gastvrije ontvangst en een aardig plekje. Het sanitair is redelijk, het gras lang.
Na het opzetten van caravan en tent, gaan we eerst naar de stad. Wat een verrassing is Pavia: 
Pavia heeft een grote rijkdom aan historische en culturele bezienswaardigheden. Pavia werd meer dan tweeduizend jaar geleden aan de oever van de rivier Ticino gesticht en is ook de stad waar Karel de Grote tot keizer werd gekroond. Pavia heeft een rijke geschiedenis en is nog steeds een welvarende stad.
Pavia heeft een Romeinse oorsprong en dat merk je al aan de structuur van het centrum. de straten lopen loodrecht op elkaar. De stad is gemaakt uit rode steen en dit maakt de stad erg kleurrijk en vrolijk. Pavia is een echte universiteitsstad, de universiteit is een van de oudste in Italië. Dankzij de universiteit is Pavia een erg levendige stad met veel studenten. De universiteit is in een neoklassiek gebouw gevestigd. Als je hier langskomt ga dan zeker even binnenkijken op de binnenplaats. Verschillende faculteitsgebouwen zijn door het centrum verspreid.  Onder de vele bezienswaardigheden valt ook de dom van Pavia. Deze werd gebouwd in 1488 door twee architecten. In een latere fase was zelfs Bramante bij de bouw betrokken. De bouw nam veel tijd in beslag, in de 16e eeuw was die nog steeds niet klaar. De gevel en de hoge koepel werden pas in de 19e eeuw voltooid. 

de San Michele kerk is een romaans bouwwerk. De kerk moest na de aardbeving in de 12e eeuw volledig herbouwd worden. Bijzonder is de goudkleurige façade die over drie verticale zones is verdeeld.
De Collegio Borromeo, gesticht door Carolus Borromeus is een 16e eeuws bouwwerk met een prachtige binnenplaats.
De basiliek van San Pietro in Ciel d’Ora is net als de San Michele kerk een voorbeeld van de romaanse architectuur in Pavia. Ciel d’Ora betekent Gouden Hemel en de kerk heeft de naam te danken aan een schildering die de apsis van een oudere kerk siert. In de kerk ligt het lichaam van de kerkvader Augustinus. De stoffelijke resten van Augustinus kwamen in de 8ste eeuw vanuit Noord-Afrika, via Sardinië in Pavia terecht.
En dan natuurlijk de Ponte Coperto. Op deze plek heb je niet alleen uitzicht op deze bijzondere overdekte brug, maar zie je ook de Ticino stromen. Deze rivier is zo’n 250 kilometer lang en stroomt vanuit Zwitserland bij Pavia de Po in. Deze rivier heeft er dus voor gezorgd dat Pavia goed verbonden is met de grotere steden in het noorden en midden van Italië. 
Na de wandeling nemen we een heerlijke italiaanse cappuccino: ik weet wel, dat is not done in de middag! Was heerlijk anyway.

Camping Ticino

Via Mascherpa 16, 27100, Pavia, Italien
Dag 4

Via Genua, Italië

Genua, Italië

Reisverslag reisdag

We rijden via Genua naar Pisa. Onderweg maken we een stop voor koffie en wat erbij. We vinden alleen maar een tankstation waar ze van alles verkopen, behalve koffie en wat erbij. Dus maar doorrijden naar de camping. Eerst weer de caravan en de tent opzetten.
Boodschappen doen: we proberen overal een Lidl te vinden en dat gaat best goed. De ene wat uitgebreider dan de andere, maar wel overal beschikbaar. 
Bij een wandeling over de camping zien we een groep reizigers van de acsi: zo'n rondreis met eigen camper of caravan. Wat opvalt is dat ze allemaal binnen zitten te gluren naar de TV. Hoe jammer is dat! Ook is er een paar dagen later een zelfde reis van de ANWB en ook daar zit iedereen te gluren naar de TV. 
Wij hebben s' avonds overleg over het vervolg van de reis en besluiten een tripje te maken naar Elba. We boeken de boot en bespreken een hotelletje.

Camping Village Torre Pendente Via delle Casine, San Miniato, Pisa, Italië

Via delle Casine, 56028 San Miniato PI, Italië
Dag 5

Reisverslag Elba

Al vroeg rijden we naar Piombino, alwaar de boot vandaan vertrekt. Tegen de middag zijn we in Portoferraio. We willen naar het huis van Napoleon, maar deze is gesloten. Dus dan maar een ijsje en lopen naar de Chiesa della Misericordia. Harry doet zn ding en wij luisteren ;-) 
Daarna rijden we via het zuiden naar het hotel. Onderweg lunchen we heerlijk. Harry laat zijn telefoon nog wat langer daar blijven: gelukkig komen we er op tijd achter.
Hotel Anna is moeizaam te vinden, maar wat een heerlijk hotelletje is het: vriendelijk, schoon en mooie kamers. 
lekker een biertje bij de zee. S avonds nemen we een 3 gangen menu even verderop in het dorp en we kunnen er weer tegen. 

Hotel Anna, Spiaggia di Fetovaia, Livorno, Italië

via del canaletto 215/c, Loc. Fetovaia, 57034 Fetovaia LI, Italië
Dag 6

Reisverslag Elba

Na een heerlijk ontbijt, gaan we eerst naar het strand. Wat is een trip naar Elba zonder te zonnen nietwaar? Gerard heeft niet zo'n zin en blijft achter op het terras om lekker een boek te lezen. 
We nemen afscheid van Hotel Anna. We rijden via de noordzijde van het eiland naar de Monte Capanne. De kabelbaan gaat na de lunch open en het is een avontuur!! Zeker doen als je in de buurt ben.
We zijn op tijd voor de boot en na een voorspoedige overtocht komen we weer op de camping in Pisa. En wat doe je als je in Italie ben: je eet een pizza. Daarna in de avondschemering een wandeling naar de scheve toren. 

Camping Village Torre Pendente Via delle Casine, San Miniato, Pisa, Italië

Via delle Casine, 56028 San Miniato PI, Italië
Dag 7

Reisverslag Cinque Terre

Vandaag naar de Cinque Terre. We gaan aan boord in la Spezia. De boot vaart van plaats naar plaats en je kan onderweg op en afstappen. Wat was het heet!!! Maar wat een belevenis. Het is prachtig. Je kan ook de trein nemen vanuit la Spezia: deze stopt in elk dorpje. Vergeet niet een dagstempel op je kaartje te zetten. Dat voorkomt een bekeuring bij controle. 
Hier een artikel van reisroute.nl over de cinque terre:
De naam 'Cinque Terre' heeft als letterlijke vertaling 'vijf landen'. Die naam verwijst natuurlijk naar de vijf dorpjes die samen de ‘Cinque Terre’ vormen. Sinds 1997 staan alle vijf de dorpen op de UNESCO Werelderfgoedlijst en maken ze samen deel uit van een nationaal parkwaar ook de wandelpaden, het binnenland en een deel van de zee onder benoemd zijn. Cinque Terre is gelegen aan de prachtige kust in Ligurië in Italië.  De 5 Cinque Terre dorpjes zijn met elkaar verbonden door wandelpaden die de mooie natuur van de bloemenriviàra doorkruisen. Van noord naar zuid vinden we de dorpjes als volgt;
Monterosso al Mare
Monterosso al Mare, of kortweg Monterosso, is het grootste en oudste dorp van de Cinque Terre. Het werd voor het eerst gedocumenteerd in 1056. Het dorp bestaat uit 2 delen met enerzijds het oude centrum en het nieuwe en anderzijds het meer toeristische gedeelte Fegina, dat vanaf de jaren 50 in de vorige eeuw werd ontwikkeld. We raden ook aan om de tijd te nemen om rustig door het oude centrum te slenteren en de pleintjes, straatjes en winkeltjes te ontdekken. Deze plek is ideaal om een hapje te eten of een origineel souvenir op de kop te tikken!
Monterosso is het enige dorp van de Cinque Terre met een strand en het dorp staat verder bekend om de vele citroenbomen die om het dorp te vinden zijn. Huur hier dus zeker een paar uurtjes een strandbedje en relax to the max! Je hebt zowel een strand aan de kant van het oude stadscentrum als in het nieuwe gedeelte, waar het strand wat groter is. In het dorp zijn de resten van het kasteel Palazzo del Podestà (de 14de eeuwse kerk van Johannes de Doper), het oude klooster en het castello dei Fieschi te vinden.
Daarnaast vind je hier ook de Gigante, de reus van Monterosso, namelijk een stenen beeld van Neptunes dat aan het begin van de 20ste eeuw door Arrigo Minerbi gemaakt werd. Het beeld is in de Tweede Wereldoorlog beschadigd door bommen en door de daaropvolgende jaren door zware golven, maar is daardoor zeker niet minder imposant. 

Vernazza
Vernazza wordt gezien als het meest charmante dorp van de Cinque Terre. Dit dorp werd voor het eerst gedocumenteerd in 1080 en in het dorp zijn nog veel restanten van de middeleeuwse forten terug te vinden. Sommige mensen vinden dit dorpje het mooiste van de vijf, omdat het zo gezellig is en veel charme heeft. Er is bijvoorbeeld een erg mooi baaitje, een kleine kerk, prachtige huisjes in alle kleuren van de regenboog, oude bootjes en nog veel meer. Je vertoeft je meteen in een oud vissersdorpje en de sfeer is fantastisch.
De kerk van Santa Margherita di Antiochia uit 1318 en het Doriakasteel uit de 15de eeuw dat tegen de piraten beschermde, zijn de grote bezienswaardigheden in het dorp. Daarnaast zijn de restanten van een amfitheater in het dorp te vinden en bevat Vernazza een grote haven. Vernazza was dan ook de maritieme basis vanwaar boten de middellandse zee opgingen om het land te beschermen tegen piraten.  Een van onze hoogtepunten in Vernazza is het prachtig uitzicht, maar hiervoor moet je wel een stevige klim trotseren. Volg de borden van het wandelpad naar Monterroso en dan bereik je na een steile (maar korte) klim een uitzichtpunt. Liefde op het eerste gezicht!

Corniglia
Corniglia vond haar oorsprong al in de Romeinse tijd toen het gebied het land van de familie Cornelia was. Hierna is het voor lange tijd het land van de graven van Lavagna geweest, waarna het uiteindelijk in 1276 opgekocht werd door de republiek van Genoa. Corniglia is het enige dorpje van de Cinque Terre die niet direct met de zee verbonden is en de huisjes van het dorp zijn gelegen op een rots op 100 meter hoogte boven zeeniveau. Hierdoor is Corniglia eerder een agrarisch dorp dan een vissersdorp zoals de andere 4 dorpen. Het dorp is alleen te bereiken via een trap met 382 treden. In het dorp is het aan te raden om een bezoek te brengen aan de kerk van Sint-Pieter die in de 14de eeuw gebouwd is en bijzonder mooi gedecoreerd is, de gevel bestaat volledig uit Carrara marmer.
Corniglia is over het algemeen minder druk dan de andere dorpjes, wat wel eens aangenaam kan zijn. Wanneer je door de smalle straatjes slentert richting de kerk, neem dan zeker eens een kijkje achter de kerk. Van daaruit heb je een prachtig zicht op de omgeving rond Corniglia. Verder is dit ook de perfecte plek om een lekker drankje te drinken of één van de vele gezellige terrasjes. 

Manarola
Manarola staat bekend om de wijn, maar daarnaast bevat het een aantal bijzondere gebouwen, zoals het molenwiel waaraan het dorp de naam dankt en de kerk van San Lorenzo uit 1338. Er is ook een oude witte cementen piramide te vinden in het dorp die vroeger als merkteken werd gebruikt door zeevaarders.  Manarola is een erg fotogenieke plek. Wanneer je Cinque Terre opzoekt, zal je vaak dit gekleurde dorpje zien opduiken. De beste plek om de allermooiste foto’s te nemen van Manarola is bij het Manarola Scenic Viewpoint (zie ligging op de kaart). Dit uitzichtpunt is erg populair en daarom ook drukbezocht door toeristen, maar het blijft wel erg mooi, dus vonden wij het de drukte waard. Leuk weetje: tijdens de kerstperiode vind je in Manarola een kerststal met 15.000 lichtjes.

Riomaggiore
Riomaggiore is de hoofdstad van de regio Ligurië en dit is het meest zuidelijk gelegen en dit dorp ziet er pas écht nog helemaal uit als een vissersdorp. Meer zelfs, het ruikt er ook echt naar vis! Deze plek is de meest ongerepte van de vijf. Je kan het verkennen al wandelend door de steile paden, de duistere steegjes en passeer ook zeker langs het kleine baaitje met vissersboten. Hier vind je meer traditioneel leven en minder toeristische ontwikkeling. Wil je ook hier een zonsondergang of mooi uitzicht meepikken? Ga naar in de baai op zoek naar het uitzichtpunt dat hier wat hoger gelegen is.
Riomaggiore werd voor het eerst gedocumenteerd in 1251, toen het onderdeel werd van de republiek van Genova. De gebouwen in het dorp zijn hoog gebouwd en bevatten meerdere verdiepingen en zijn gekleurd in tinten roze, rood en oker. In het dorp is een oud stenen kasteel te vinden welke voor het eerst genoemd werd in documenten uit de 6de eeuw, waarin het gebouw al ‘oud’ werd genoemd. Daarnaast is ook de kerk van Johannes de Doper uit 1340 met een houten beeld van Maria een grote bezienswaardigheid.

De wandelpaden
Tussen de 5 dorpjes liggen verschillende wandelpaden die voor jarenlang de enige wegen tussen de dorpen en de vlakbij gelegen dorpen en steden waren. Er zijn 3 grote paden die tussen de verschillende dorpen lopen, en daarnaast nog een hoop kleinere paden. De routemap kan je online vinden op de website.
Het Sentiero Alto pad
Het Sentiero Alto pad is een oude ezelweg die dateert uit de Romeinse tijd. Het pad begint in Levanto en loopt via een bergrug naar Porto Venere. Het pad is 40 kilometer lang, recht en zonder puin, waardoor het door iedereen te belopen is. De hele route duurt minstens 10 uur, maar het is aan te raden om het pad in delen op te delen.

Het Sentiero Azzuro pad
Het Sentiero Azzuro pad is 12 kilometer lang en loopt langs de 5 dorpjes via de kust. Hierbij kom je dan ook langs verschillende olijfgaarden en wijngaarden en ook de Via dell’Amore is een onderdeel van dit pad. Het hoogteverschil op deze route is 600 meter, maar dit is verdeeld over 10 kilometer en het is dan ook zeer goed te lopen voor elke wandelaar. De route duurt ongeveer 4 uur.
Via dei Santuari
Het derde grote pad is de Via dei Santuari die via de kerken die net buiten de dorpen gelegen zijn gaat. Het pad gaat via een makkelijke route en het is goed begaanbaar voor elke wandelaar.

Wij hebben het relaxed gedaan en na een dag op het water zijn we rozig en blij weer op de camping te zijn.
Dag 8

Reisverslag reisdag

Vandaag rijden we naar Assisi. We zijn er al eerder geweest en waren toen diep onder de indruk van het plaatsje en de omgeving. En het is voor de tweede keer zeker geen teleurstelling.
Onderweg rijden we vlot door, maar hebben wel het idee dat de wegen steeds slechter worden naarmate we naar het zuiden reizen. 
De camping is prima. We ontmoeten daar een jong stel, die op reis zijn naar Griekenland met 2 kinderen in een camper. Gezellig even kletsen. 

Camping Village Assisi, Via Campiglione, Assisi, Perugia, Italië

Via Campiglione, 110, 06081 Assisi PG, Italië
Dag 9

Vandaag Assisi

We bezoeken Assisi: Vanaf de parkeerplaats nemen we de roltrap naar boven, richting Porta Nuova, een van de stadspoorten van Assisi. We lopen over de Via Borgo Arentino. Het is erg warm en we scoren eerst een waaier. Af en toe vangen we al een glimp op van de Basilica di Santa Chiara,  waar we nog heen gaan. We arriveren op het Piazza Santa Chiara en komen we ogen te kort. Allereerst is er een achthoekige fontein, de Fontana di Santa Chiara. Het is de nieuwste fontein van Assisi, ook al werd deze fontein reeds in 1872 voltooid.
Het plein biedt ook prachtig zicht op het kasteel, de Rocca Maggiore, die hoog boven de stad uit torent. Aan de andere kant van het plein kijk je uit over de Valle Umbra. Met helder weer is zelfs de stad Perugia te zien.
Een van de plaatsen die veel pelgrims trekt, is de Santa Chiara. Ook wij brengen een bezoek aan de basiliek, die is gewijd aan de heilige Clara van Assisi, een van de volgelingen van de heilige Franciscus van Assisi. De kerk is na de Basilica di San Francesco de belangrijkste religieuze plek van Assisi. 
De Santa Chiara werd gebouwd tussen 1257 en 1265. Op 3 oktober 1260 zijn ook de resten van de heilige overgebracht naar de basiliek. Via de trap aan de rechterzijde dalen we af naar de crypte waar de overblijfselen van Santa Chiara worden bewaard. Ook zijn hier een aantal relieken van de heilige Clara en de heilige Franciscus te bewonderen, zoals kleding en haarlokken.

We lopen via de wijngaarden naar San Damiano. Als je op zoek bent naar prachtige kunst en grootse architectuur, dan zul je hier weinig van je gading vinden, maar het spirituele belang van deze locatie is enorm. In 1205 wandelde Franciscus van Assisi in de vallei en stopte bij de kleine kerk van San Damiano, ongeveer een kilometer buiten de stadsmuren van Assisi. De kerk, die waarschijnlijk ongeveer een eeuw eerder was gebouwd, verkeerde in zeer slechte staat. Sterker nog, ze kon elk moment instorten. Toen Franciscus knielde om te bidden, hoorde hij plotseling dat het crucifix in de kerk tot hem sprak. Christus aan het kruis vertelde de toekomstige heilige dat zijn huis verwoest werd en dat Franciscus het moest herbouwen. Deze gebeurtenis werd later vereeuwigd door de grote kunstenaar Giotto.
Aanvankelijk vatte Franciscus de opdracht letterlijk op: hij meende dat hij deze specifieke kerk moest herstellen, maar Christus bedoelde natuurlijk de Kerk in het algemeen. Tussen de zomer van 1206 en begin 1208 richtte Franciscus zich niet alleen op de restauratie van de kerk van San Damiano, maar ook op de plattelandskerk van San Pietro della Spina en de Porziuncola-kapel, die nu onderdeel is van de enorme basiliek van Santa Maria degli Angeli. Tegelijkertijd had Franciscus een nieuwe spirituele missie gevonden in het verzorgen van leprozen. Dat was bijzonder, want deze mensen werden in het Italië van de dertiende eeuw door vrijwel iedereen als gevaarlijke paria’s gezien.
Hoewel velen hem meden, zorgden de activiteiten van Franciscus er ook voor dat hij bewonderaars kreeg. Eind 1208 had hij ongeveer een dozijn volgelingen. In 1209 gaf Paus Innocentius III (1198-1216) zijn goedkeuring aan de groeiende gemeenschap van de fratres minores of Minderbroeders. Goedkeuring van de Franciscaanse Orde en de Franciscaanse Regel zou pas in 1223 plaatsvinden. Anno 1209 waren de Franciscanen niet meer dan een niet zo vrolijke broederschap die zich had toegelegd op radicale armoede, handenarbeid en het blootsvoets rondtrekken om te preken. In 1212 hield Franciscus een preek in de kathedraal van San Rufino. Onder de toehoorders bevond zich een jonge vrouw genaamd Chiara Offreduccio (ca. 1193/94-1253). We kennen haar nu als Clara van Assisi of Santa Chiara. Chiara was diep onder de indruk van de preek van Franciscus. Ze woonde dicht bij de kathedraal en kwam uit een zeer rijke familie, maar ze weigerde te trouwen en begeerde slechts een leven van gebed en toewijding aan God. Al snel groeide Franciscus uit tot haar spirituele leraar. 
Het was uiteraard ondenkbaar dat een vrouw zich aan zou sluiten bij de Minderbroeders. De gemeenschap van de Franciscanen was alleen toegankelijk voor mannen. Nadat hij haar haar had afgeknipt en haar een simpele tuniek had aangetrokken, naam Franciscus Chiara mee naar een gemeenschap van Benedictijner nonnen die een klooster hadden in Bastia Umbra, net ten westen van Assisi. De ooms van Chiara probeerden haar daar echter te ontvoeren en ze moest zich aan het altaar vastklampen om niet te worden meegenomen. Chiara verhuisde naar een ander klooster, maar daar herhaalde de geschiedenis zich. Toen besloot Franciscus, met hulp en toestemming van Bisschop Guido van Assisi, om Chiara naar de San Damiano te sturen en daar een klooster te stichten. Chiara en tot wel 50 nonnen zouden daar gedurende meer dan 40 jaar in vrede en harmonie samenleven. Ze verdienden wat geld met de verkoop van altaardoeken, verbouwden groente in de moestuin en brachten het grootste gedeelte van de dag door met bidden, zingen en werken. In 1253 keurde Paus Innocentius IV (1243-1254) de Regel van de Tweede Orde van Sint Franciscus goed. We kennen deze Orde nu als de Clarissen. De volgende dag overleed Chiara. In 1255 werd ze heilig verklaard door Paus Alexander IV (1254-1261).
Na de stichting van het Klooster van de Arme Vrouwen in 1212 keerde Franciscus nog verschillende malen naar de kerk en het klooster van San Damiano terug. Vermoedelijk in 1222 hield hij hier een preek en vierde hij Aswoensdag met Chiara en de andere nonnen. Hij was op dat moment veertig jaar oud en verkeerde als gevolg van malaria en oogontstekingen in slechte gezondheid. Hoewel hij altijd wel weer herstelde, keerden de aandoeningen terug, en in 1225 werd hij ondergebracht in een kleine hut die onderdeel was van het complex van San Damiano. Lijdend aan helse pijnen begon Franciscus hier met het schrijven van zijn grootste bijdrage aan het christelijke geloof én de Italiaanse literatuur, een lied dat bekendstaat als de Laudes Creaturarum of – in het Nederlands – het Zonnelied. Het lied is in het Umbrische dialect opgesteld en prijst Gods Schepping. Zelf heeft Franciscus het lied nooit op muziek kunnen zetten. Carl Orff (1895-1982) deed dat wel.
Op 3 oktober 1226 stierf Franciscus in zijn cel dicht bij de Porziuncola-kapel. De volgende dag werd zijn lichaam overgebracht naar de kerk van San Damiano waar het werd vereerd door Chiara en haar Arme Vrouwen. Chiara zelf kwam bijna 27 jaar later te overlijden, in een kamer in het klooster die u nog altijd kunt bezoeken. Zowel Franciscus als Chiara werden slechts twee jaar na hun dood heilig verklaard, respectievelijk in 1228 en 1255. In Assisi werden voor hen prachtige nieuwe, maar nogal on-Franciscaanse basilieken gebouwd, waar hun overblijfselen konden worden bewaard. Niet lang na Chiara’s dood verlieten de Arme Vrouwen het klooster van San Damiano. De nieuwe Basilica di Santa Chiara werd tussen 1257 en 1265 gebouwd en Chiara’s lichaam werd daar begraven. De nonnen verhuisden naar het naastgelegen klooster en namen het beroemde crucifix dat tot Franciscus had gesproken met zich mee. Toeristen en pelgrims die het origineel willen zien, moeten dus naar de kerk van Santa Chiara gaan. De kerk van San Damiano beschikt slechts over een kopie.
Hierboven werd reeds vermeld dat de kerk en het klooster van San Damiano niet kunnen bogen op belangrijke kunst of architectuur. Anders dan bij de grote basilieken in Assisi zelf het geval is, werd het complex nooit verfraaid. Het kerkexterieur is buitengewoon eenvoudig en het roosvenster lijkt op de verkeerde plek te zitten (het zit wel degelijk in het midden, maar de kerk is slechts half zo breed als de gevel). Externe decoraties ontbreken geheel. Eenmaal binnen in de kerk realiseren bezoekers zich al snel hoe klein het gebouw is. De kerk is eenbeukig en spaarzaam gedecoreerd. Naast de genoemde replica van het crucifix kunnen we een blik werpen op een apsisfresco van een Madonna met Kind met Sint Rufinus en Sint Damianus. Rufinus is de beschermheilige van Assisi. Hij leefde in de derde eeuw en wordt van oudsher beschouwd als de eerste bisschop van de stad. Tevens zou hij de bevolking van Assisi tot het christendom hebben bekeerd. Damianus is natuurlijk een van de tweelingbroers uit Arabië, Cosmas en Damianus (zie Rome: Santi Cosma en Damiano). Om de een of andere reden is de kerk alleen aan hem gewijd en niet tevens aan zijn broer Cosmas.
Het interessantste fresco vinden we achter in de kerk. Het toont ons Franciscus die bidt in de San Damiano (links) en Franciscus die met een knuppel wordt opgejaagd door zijn vader (rechts). Boven de vader zien we de ommuurde stad Assisi. Het fresco werd in de veertiende eeuw geschilderd. In de muur is een nis aangebracht. Hierin zou Franciscus het geld hebben gegooid dat hij bijeen had gebracht voor de reparatie van de San Damiano.
Elders in het complex treffen we een fresco aan van Santa Chiara en haar nonnen door een onbekende meester en een fresco van de Kruisiging (ca. 1482) door Pier Antonio Mezzastris (ca. 1430-1506). De muren van het klooster werden in 1507 van fresco’s voorzien door Eusebio da San Giorgio. Hier is ook de ingang naar de refter. Bezoekers mochten die niet betreden toen ik in augustus 2017 het complex bezocht, maar het was gelukkig wel mogelijk om door de open deur naar binnen te turen. De refter verkeert nog grotendeels in de oorspronkelijke, dertiende-eeuwse staat. Aan de muur zien we een schildering (die overigens zeker jonger is dan de refter zelf) waarop een wonder is afgebeeld dat zou hebben plaatsgevonden toen Paus Gregorius IX (1227-1241) het complex bezocht. Nadat Chiara de stukken brood had gezegend, verschenen er plotseling kruizen op.
Ik heb beslist genoten van mijn bezoek aan de San Damiano. Het complex is een vreedzaam plekje in de vallei dat gelukkig zijn typisch Franciscaanse eenvoud heeft behouden. Let er wel op dat de wandeling náár de San Damiano weliswaar gemakkelijk is, maar dat u op de terugweg heuvelopwaarts moet!
Na het bezoek aan deze bijzondere plek vervolgen we onze weg door Assisi. Via de oude Romeinse poort lopen we richting het Piazza del Comune. Onderweg genieten we volop van de vele mooie doorkijkjes en prachtige middeleeuwse gevels met veel bloemenpracht. 

Vlak voor het Piazza del Comune slaan we linksaf bij een klein poortje. We volgen de Scaletta dello Spirito Santo naar beneden. Links onder aan de trap vind je de plaats waarvan men aanneemt dat Franciscus er is geboren. Het Oratorio di San Francesco zou zijn gebouwd in de voormalige stal van de ouders van Franciscus.


Het ouderlijk huis van Franciscus is inmiddels verbouwd tot een kerk, de Chiesa Nuova, maar de originele houten deur is er nog altijd zichtbaar. Voor de kerk, op het Piazza Chiesa Nuova, staat een mooi bronzen standbeeld van Franciscus’ ouders.

We klimmen weer een stukje hoger de stad in en zetten nu echt koers naar het Piazza del Comune. Dit grote centrale plein, met rondom vele monumenten, is het middelpunt van Assisi.
Het meest in het oog springend is zonder twijfel de Tempio di Minerva. Deze Romeinse tempel is behouden gebleven doordat het een christelijke kerk is geworden, net als het Pantheon in Rome.
Op het plein vind je ook de Fontana dei Tre Leoni (‘fontein van de drie leeuwen’) en diverse gezellige barretjes waar je kunt genieten van een heerlijke caffè of aperitivo.
De vorige keer dat we er verbleven was in een Hotel net om de hoek: hotel la Fortezza. 


We verlaten het Piazza del Comune om de Basilica di San Francesco te bezoeken. Al wandelend over de Via Portica, de Via Arnaldo Fortini en de Via San Francesco komen we mooie doorkijkjes tegen én de schitterende Fonte Oliviera.

Aan het einde van de Via San Francesco ontvouwt zich een waanzinnig uitzicht op een van de mooiste basilieken van Italië: de Basilica di San Francesco. Voordat we de basiliek bezoeken, nemen we even de tijd om de kerk te fotograferen.


De Basilica di San Francesco is het kroonjuweel onder de als UNESCO-werelderfgoed erkende franciscaanse gebouwen in Assisi en weet zowel gelovigen als kunstliefhebbers diep te raken. De immense en ambitieus vormgegeven basiliek is van kilometers afstand te zien en biedt je een prachtig uitzicht op de valleien rond de stad Assisi. Je bent zo een middag kwijt met het verkennen van de kerken, de tuinen, de pleinen en de crypte waar de intrigerende tombe van Sint-Franciscus staat. In 1997 sloeg het noodlot toe in Assisi in de vorm van twee verwoestende aardbevingen, die veel schade aanrichtte aan de twee originele kerken en andere delen van de basiliek. Het duurde maar liefst twee jaar voordat het gebouw volledig was gerestaureerd.
De basiliek is onderverdeeld in een lager gelegen kerk, de direct na de heiligverklaring van Franciscus in 1228 gebouwde Basilica Inferiore, en een hoger gelegen kerk, de tussen 1230 en 1253 gebouwde Basilica Superiore. In de architectuur komen romaanse en gotische invloeden samen. Een wandeling langs de pleinen en de tuinen bij de basiliek gunt je een blik op dit indrukwekkende schouwspel van bouwstijlen.
De eenvoudige façade van de Basilica Superiore doet niet vermoeden dat er zo'n prachtig ontworpen binnenkant achter schuilgaat. Hier hangt een van de beroemdste kunstwerken van Italië, een reeks fresco's die het leven van de Heilige Franciscus uitbeelden.
Langs de buitenkant van de bovenste kerk loopt een trap naar beneden richting de schaars verlichte Basilica Inferiore.   Bekijk de fresco's van beroemde Florentijnse schilders als Cimabue waarop de parallellen tussen het leven van Christus en Franciscus worden uitgebeeld. In de vele rijk versierde zijkapellen kun je de verschillende stromingen traceren die de Italiaanse kunst door de eeuwen heen hebben gedomineerd.
Daal vervolgens af naar de crypte waar je de tombe van Sint Franciscus vindt. De tombe werd in de 19e eeuw gebouwd nadat de relieken van Franciscus werden ontdekt. Aanvankelijk was gekozen voor een marmeren tombe in neoclassicistische stijl. Dit werd in de 20e eeuw weer aangepast naar een neoromaanse constructie van steen.
Bronnen: ciauatutti.nl
corvinus.nl
expedia.nl

Santa Maria degli Angeli

Even buiten Assisi vind je de Santa Maria degli Angeli, een kerk die een kleiner juweeltje omvat: La Porziuncola, de kapel waar de heilige Franciscus vaak kwam om te bidden. Dat is het doel van vandaag. We parkeren de auto aan de achterzijde van de kerk, een beetje in de schaduw. 
Toen Franciscus het kerkje begin dertiende eeuw in zeer verwaarloosde staat aantrof, besloot hij het eigenhandig op te knappen. In 1210 schonk de abt van de Abdij van Benedictus van Subasio hem het kapelletje, als beloning voor zijn restauratiewerkzaamheden. Franciscus besloot deze plek, op een stuk land dat bekend stond als Portiuncula (‘klein stuk land’), tot zijn thuis te maken en samen met zijn medebroeders te gebruiken om te bidden. Eromheen ontstond een kleine gemeenschap. Op 2 augustus 1216 werd de kapel officieel ingewijd, door de bisschop van Assisi. Daarna groeide het aantal broeders dat zich rondom Franciscus schaarde snel. Op 30 mei 1221 belegde men de eerste vergadering van een beweging die zou uitgroeien tot de Franciscaner orde. Vijf jaar later blies Franciscus hier zijn laatste adem uit, waarna La Porziuncola een steeds populairdere bedevaartsplaats werd. Om al die gelovigen plaats te kunnen bieden om te bidden, startte men in 1569 met de bouw van de Santa Maria degli Angeli, een grote kerk die over de kleinere Porziuncola-kapel heen werd gebouwd. In 1679 werd deze kerk voltooid en stroomden nog meer pelgrims toe. In 1909 werd de kerk door paus Pius X benoemd tot basiliek, waarmee La Porziuncola officieel een pauselijke kapel werd. In de basiliek bewonder je onder meer een majolica beeld van Franciscus, dat is gemaakt door de Toscaanse kunstenaar Andrea della Robbia, en kleurrijke fresco’s in de Cappella del Roseto. Daarnaast de plek waar Franciscus is overleden.  De grootste parel blijft echter La Porziuncola. De schildering op de façade dateert van 1829 en is van de hand van de Duitse schilder Friedrich Overbeck. Aan de rechterzijde van het kapelletje zie je deels nog fresco’s uit de vijftiende eeuw, met een Madonna met kind die tussen de heiligen Franciscus en Bernardinus in staan. foto: Umbria Tourism Op de achterzijde van de kapel schilderde Perugino de kruisiging, maar helaas is een groot deel van deze voorstelling verloren gegaan. Binnen in het kapelletje wordt je aandacht meteen getrokken door het kleurrijke altaarstuk van Ilario da Viterbo, een priester die in vijf werken het verhaal vertelt van de vergeving van Assisi bron: ciaotutti.nl
We lezen ergens dat in de avond een processie wordt gehouden. We besluiten er heen te gaan. Ruim op tijd zijn we er, maar er gebeurd helemaal niets. We denken dat we voor niets zijn gekomen, dat we het verkeerd hebben begrepen. Maar dan komen er toch steeds meer mensen, er worden kaarsen uitgedeeld en uiteindelijk lopen we mee in de processie. 

Dag 10

Reisdag

We rijden naar Rome. Wat is het heet. De heetste zomer sinds tijden. Aangekomen op de camping krijgen we een plekje bovenaan. Dat is heerlijk: er is wat wind. Er staat een lantarenpaal bij de plek. Na 1 nacht besluiten de mannen er een zak over te doen omdat het wel erg licht is in de tent.
De camping is echt prima: goed onderhouden en schoon. 

Roma Camping in Town, Via Aurelia, Rome, Italië

Via Aurelia, 831, 00165 Roma RM, Italië
Dag 11

Rome

Vandaag gaan we Rome bezoeken. We nemen de bus naar het centrum, althans, dat was de bedoeling. Na enig speurwerk komen we langs de muren van het Vaticaanmuseum aan op het st Pietersplein. Het is weer bijzonder warm. Het plein baadt in de zon en al vroeg is het meer dan 36 gr. We vinden enige verkoeling in de schaduw van de Obelisk. Zo grappig: er staan allemaal stoeltjes achter elkaar. Er staat een flinke rij om de st Pieter te bezoeken in de volle zon.
Wij besluiten dat niet te doen en wandelen door
Eerste stop: het Pantheon. Daar willen we naar binnen, maar mijn schouders zijn onbedekt, dus dat mag niet. Ik mag ook niet zitten op het randje van een zuil. Dan maar een sjaal en toch naar binnen. 
De Piazza Novaro en de Trevifontein volgen al snel. 
Met de hop on-hop off bus komen we bij het Coloseum. Ook hier is de rij langer dan lang en we gaan door. Maar eerst een parasol kopen.

Hoe graag je op je vakantie het zonnetje wil zien, dit is echt te gek. We wandelen nog wat rond en besluiten terug te gaan naar de camping: het is echt te heet. We nemen een Uber en komen heelhuids aan.
Dag 12

Dag aan het zwembad.

Het is te heet om iets te doen en we besluiten dan ook niets te doen: zwembad.
Dag 13

Reisverslag Pompeii

We rijden vanuit Rome naar Napels. De route is goed te doen, maar de wegen steeds slechter. Harry moet goed opletten en gaten in de weg zien te vermijden. In Pompeii is de camping makkelijk te vinden.
Aangekomen op de camping blijkt onze reservering, geen reservering maar een aanvraag. Tja, daar sta je dan met zn 4ren. Gelukkig is er nog een plekje ergens vrij. De caravan kan er precies in, de deur kan open, maar dan heb je het echt gehad. De tent kan alleen staan zonder buitentent. Gelukkig is het nog steeds prachtig weer. We nemen het plekje toch. 
In de vroege avond bezoeken we Pompei. Prachtig met de ondergaande zon! een aanrader. Het is niet meer zo heet en zeker niet druk.
Pompeii werd in 79 n. Chr. bij een uitbarsting van de vulkaan Vesuvius bedolven door lava. Pas in 1748 werden de eerste opgravingen gedaan, waardoor het een van de best bewaarde Romeinse steden is.
Bij de opgravingen ontdekte een wetenschapper dat er onder de dikke laag lava holle ruimtes waren. Die ontstonden doordat het lichaam van bedolven mensen in de loop der eeuwen was vergaan. Door in die holle ruimtes gips te gieten konden de archeologen zichtbaar maken hoe mensen en dieren werden verrast door de gloeiend hete lavastroom. Vooral bij de belangrijkste poort van Pompeii werden veel holle ruimtes gevonden. Het moet daar een enorm gedrang zijn geweest van mensen die de stad wilden ontvluchten.
Het forum is, zoals in elke Romeinse stad, het centrum van Pompeii. Aan de noordkant staat de hoofdtempel, de Jupitertempel, geflankeerd door twee erebogen. Verder zie je er de resten van een spreekgestoelte, de suggestus. In het zuidwesten van Pompeii, tegen de stadsmuur, ligt het amfitheater dat werd gebruikt voor gladiatorengevechten en gevechten met wilde dieren. In 59 n. Chr. was dit theater het toneel van ernstige rellen tussen inwoners van Pompeii en het naburige Nuceria. Deze rellen staan afgebeeld op een fresco dat uit Pompeii is overgebracht naar het Nationaal Archeologisch Museum in Napels.
Lopend door de straatjes van Pompeii waan je je terug in de tijd. Op verschillende plaatsen zie je stapstenen om de straat over te steken. De karren konden precies tussen deze stenen door rijden. Verder kun je heel duidelijk zien welk ambacht er in een bepaald huis werd uitgeoefend: maalstenen en bakovens geven een bakkerij aan, medische instrumenten een dokter, en voorwerpen van ijzer een ijzerhandelaar. Natuurlijk waren er ook diverse badhuizen; de erotische voorstellingen op de muren zijn deels bewaard gebleven.
Leuk zijn ook de woonhuizen die altijd rond een binnenplaats waren gebouwd. Dat gaf niet alleen schaduw, maar er werd daar ook regenwater opgevangen in het impluvium. Dat impluvium werd vaak versierd met een beeldje, zoals de bronzen faun in het Huis van de Faun. Het Huis van de Vettii was van steenrijke handelaren. Het heeft een fraai gerestaureerde tuin met beelden en fonteinen, en de kamers zijn voorzien van schitterende fresco’s met mythologische onderwerpen.
Wat kan ik over de camping zelf melden:  Deze camping is echt zoals je een Italiaanse camping verwacht: hele kleine plekken, veel drukte en verkeer. Maar dan x 3. Het is een drukte van jewelste; de hele dag en nacht. Op de camping staan huisjes die per uur verhuurd worden. Zoals iemand het omschreef: de italiaanse man woont lang thuis en wil dan wel eens alleen zijn met zn vriendin....... ahum. Daarnaast worden de plekken die vrij zijn overdag gebruikt als parkeerplekken.  Voor ons een van de redenen om na 1 nacht te vertrekken. 
bron: cityspotters.com

Camping Spartacus, Via Plinio, Pompei, Napels, Italië

Via Plinio, 127, 80045 Pompei NA, Italië
Dag 14

Reisverslag

Vandaag rijden we naar Manfredonia. De wegen blijven slecht. Vrijwel na iedere rit moet ik kleding weer in de kasten doen. Die rammelen er onderweg uit. Na enig zoeken vinden we de camping. We staan op een plek bij het strand, net buiten de camping. Een rustig plekje, maar wel erg veel muggen. Voor het eerst hebben we er echt last van. Vooral Rina, die wordt enorm gestoken. We houden de moed erin en gebruiken de klamboe als we koffie gaan drinken. Helaas hebben we er geen foto van gemaakt.
Wat zo leuk is aan kamperen dat je veel zie, ruik en hoor: op deze camping is er vroeg in de avond iemand aan het slapen. Hij snurkt zo hard dat er veel medekampeerders voor uitlopen. 

Camping Lido Salpi Manfredonia, Riviera Sud - ex S.S. 159 Km 6,200, Manfredonia, Foggia, Italië

Riviera Sud - ex S.S. 159 Km 6,200, 71043 Manfredonia FG, Italië
Dag 15

Reisverslag Vieste

Vandaag rijden we via een prachtige route naar Vieste. Daar aangekomen natuurlijk eerst een koffie. 
wat een leuke plaats: 
Het is een zeer fotogeniek stadje, dankzij de spectaculaire ligging, op rotsen die tot ver in zee reiken. Het middeleeuwse centrum is een wirwar van steegjes, waar de geur van zilte zeelucht en kruidige tomatensaus waait.

De huizen lijken tegen elkaar aan geplakt, door de vele bogen en trappartijen. In een van die stegen, tussen Via Cimaglia en Via Boncompagni, stuit je op de Chianca Amara (‘bittere steen’), die daar zomaar lijkt te zijn neergelegd. Het is echter een monument, ter herinnering aan de duizenden inwoners van Vieste die tijdens de invallen van de Turken in de vijftiende en zestiende eeuw werden gedood.

Uiteindelijk leidt het netwerk van straatjes je naar de kathedraal, die werd gebouwd op de resten van een antieke tempel gewijd aan de godin Vesta. De klokkentoren is gemodelleerd naar een kardinalenhoed. 
We komen bij een likeurwinkeltje. Daar slaan we fors in: Limoncello en Mandarijnlikeur. Heerlijk om koud te drinken. 

Pizzomunno – een versteende visser op het strand van Vieste

Aan de voet van Vieste schittert het strand van Pizzomunno, dat zijn naam dankt aan de torenhoge witte kalksteen aan de rand van het strand.

Pizzomunno was een knappe visser, die elke dag, weer of geen weer, de zee op ging om verse vis te vangen. Alle vrouwen waren verliefd op hem, maar dat niet alleen: ook de zeemeerminnen kwamen maar wat graag boven water om een blik van Pizzomunno op te vangen.
Pizzomunno ziet hen echter allemaal niet staan – of zwemmen. Hij is dolverliefd op Cristalda, het mooiste meisje van Vieste, met lange blonde haren die schitteren in de zon. Gelukkig is de liefde wederzijds en de twee geliefden zijn zo veel mogelijk bij elkaar.
Als Pizzomunno uitvaart, kunnen zelfs de mooiste zeemeerminnen hem niet verleiden. Ten einde raad besluiten ze Cristalda te ontvoeren. Terwijl het meisje op haar visser wacht, wordt ze door een enorme golf de zee ingesleurd.
Wanneer Pizzomunno haar silhouet niet ziet als hij naar de haven van Vieste terugkeert, is hij zo verdrietig dat hij geen beweging meer kan maken. De pijn van haar gemis verandert hem langzaam in een grote rots, die nog altijd bewegingloos bij de kustlijn van Vieste te zien is. Slechts één keer in de honderd jaar worden de geliefden even tot leven gewekt en kunnen ze elkaar een zomernacht lang beminnen.
bron: ciaotutti

BBQ op het strand

Omdat er zoveel muggen zijn, gaan we op het strand bbq en. Hoe leuk is dat! Dat vinden de muggen ook en ze gaan massaal mee en steken er lustig op los.

Dag 16

Strand

We zijn het reizen een beetje zat en besluiten enkele dagen niets te doen. Het is nog steeds erg warm en dat vraagt zijn tol. Camping Surabaya is de volgende stop: prima voor een paar dagen. We staan aan de zeekant en krijgen een beetje wind. Ook wordt de auto gewassen: dat was echt nodig.

Camping Village Abruzzo Surabaya, Viale Makarska, Roseto degli Abruzzi, Teramo, Italië

Viale Makarska, 64026 Roseto degli Abruzzi TE, Italië
Prima camping. Maar kijk uit: tunnelhoogte op de route er naar toe is 1.50 mtr. 
Op de campingsite staat een kaart met een route waar je met de caravan/camper wel onderdoor kan
Zie website camping: waar zijn we

Dag 17

Strand

Dag 18

Reisverslag

We reizen door naar Cervia. Een leuk plaatsje aan de kust. We mogen op de camping uit allerlei plekken kiezen en na enig overleg zetten we  de caravan en de tent op. Prima camping en hier worden de muggen actief bestreden. We moeten morgen ochtend de boel dicht houden, want er wordt gespoten.
Op de camping zie ik ineens mn vader: oh nee, het is een dubbelganger. 


Camping Adriatico, Via Pinarella, Cervia, Ravenna, Italië

Via Pinarella, 90, 48015 Cervia RA, Italië
Dag 19

San Marino

Vandaag reizen we naar San Marino. Een klein landje, omgeven door Italie. Het is een lekkere wandeling grotendeels door een bos om van de parkeerplaats er te komen. eerst een koffie: maar waar moet je betalen? We gaan naar San Marino Citta Klinkt wat flauw, maar San Marino stad is al een hele bezienswaardigheid op zich. Wanneer je ervoor kiest om enkel door het middeleeuwse stadje te slenteren ben je al snel tussen de twee en vier uur kwijt. Wanneer je ook de kleinere slingerstraatjes verkent is het af en toe net een doolhof. Gelukkig kom je altijd wel weer ergens op een van de hoofdstraten uit.  Je komt overal in de stad restaurantjes tegen. Soms met een prachtig uitzicht over San Marino Emilia Romagna en bij mooi weer kun je zelfs uitkijken op het strand en het verderop gelegen Rimini. Nog voor je door de poorten San Marino binnenstapt, vind je een café waar je volgens de locals de beste gelatto’s (ijsjes) kunt krijgen.  Wisseling van de wacht.  Het hart van San Marino is het Piazza della Libertà ofwel het Vrijheidsplein. Het plein is één van de meest bezochte bezienswaardigheden van San Marino samen met de wisseling van de wacht bij het paleis Palazzo Pubblico. Op het plein vind je het Vrijheidsbeeld of Statua della Libertà zoals ze het hier noemen. Het plein en het Vrijheidsbeeld staan voor de triomf die San Marino heeft behaald door  de onafhankelijkheid.  De wachters staan voor het Palazzo Pubblico, het stadhuis van de stad. Dit sfeervolle gebouw met bijzondere ruimtes word nog vaak gebruikt bij officiële staatsbijeenkomsten. Je kunt de raadszaal bekijken waar de 60 parlementsleden van San Marino vergaderen. We mochten niet naar binnen om onduidelijke redenen, en wachten rustig af wat er komen gaat. Gerard heeft er toch wat moeite mee en opent de deur. Dit veroorzaakte nog bijna een relletje. Snel weer dicht!  BASILICA DI SAN MARINO De Basilica di San Marino is een katholieke kerk met grote historische en religieuze betekenis. Deze kerk is nog altijd in gebruik. Je kunt de Basillica di San Marino dagelijks (gratis) bezoeken wanneer er geen diensten zijn. Na een lange dag rijden we naar huis met een moe, maar voldaan gevoel.  
bron: aroundtheglobe.nl

Dag 20

Cervia en Cecenatico

Vandaag gaan we eerst naar Cervia. We nemen een lekker ijsje en slenteren in het rond.
Wat een leuke haven! Cervia is eeuwenlang belangrijk geweest voor de zoutproductie, zelfs de Etrusken en Romeinen waren er al mee bezig. Hier begon de Via Salaria, de oude zoutroute van de zoutpannen naar Rome. Het ‘witte goud’ was waardevol omdat het gebruikt en verhandeld werd om verse producten te conserveren. Het zout was ook een betaalmiddel, denk maar aan het woord salaris afgeleid uit het Latijnse Salarium! Later werd het gebied  door velen bevochten, van de Goten tot de Venetianen en zelfs door de Pausen. Tot de jaren ‘50 waren er nog Italiaanse militairen gelegerd om het gebied te controleren. Toen in de vorige eeuw langzamerhand ijskasten in de maatschappij geïntroduceerd werden, was het zout ineens niet meer zo belangrijk. Hoe wordt het zout trouwens geproduceerd? Het water van de zee wordt door een kanaal de zoutpannen ingepompt waar het water in de zon verdampt en vervolgens wordt het resterende water weggepompt. Zo blijft het zout over in de zoutpannen om geoogst te worden. Lees meer over het zout van Cervia.
Het oude centrum van Cervia heeft een groot plein, de Piazza met de Dom en het prachtige Gemeentehuis en de zoutpakhuizen die gelegen zijn aan het kanaal met de toren San Michele. Oorspronkelijk lag het oude centrum  midden tussen de zoutpannen enkele kilometers landinwaards. Wegens de ongezonde leeftoestanden werd in 1698 besloten om alles af te breken en te herbouwen op de huidige plek. Het ’nieuwe’ centrum is gebouwd als een vierkante vesting met poorten die men vroeger na donker sloot zodat niemand er meer in of uit mocht.
bron: dolcevita.nl
Als de avond valt gaan we naar de markt in Cesenatico. De markt is aan de oevers van de romantische haven, de  Porto Canale. De haven is ontworpen door niemand minder dan Leonardo Da Vinci. Een leuke markt, maar het is wel echt druk.

Dag 21

Reisverslag

We reizen door: vandaag naar het Gardameer. We staan aan de westzijde: aan het strand. Er is weinig verkoeling en de temperaturen lopen weer aardig op. Een week nadat we vertrokken zijn breekt er aan het Gardameer, dus ook op deze camping, noodweer los: hagel en harde wind.
Dat hebben we allemaal niet: zon, zon en nog eens zon. Rina en Gerard slapen heerlijk in de tent, nu met uitzicht over het Gardameer. Hoe mooi en onbetaalbaar is dat! Ons plekje heeft gelukkig schaduw.

Campeggio Fontanelle

Del Magone 13, 25080, Moniga del Garda, Italien
Dag 22

Reisverslag rondje Gardameer

Vandaag gaan we rijden langs het Gardameer. Het is een zeer toeristisch plekje, maar dat is het alleen als het bijzonder is, toch?
We starten aan de noordkust van het Gardameer, in Riva del Garda, een plaats waar het blauw van het water en de lucht, het groen van de mediterrane vegetatie en het wit van de stranden een kunstwerk in het leven roepen. We bezoeken de Rocca van Riva, waar het Museo dell’Alto Garda met de Pinacoteca onderdak heeft gevonden: de Rocca, die uit 1124 dateert, huisvest een permanente collectie van vondsten, die stammen uit een tijd die loopt van de prehistorie via de Middeleeuwen tot op de dag van vandaag. In de winter vinden we in de Rocca ook het Huis van het Kerstmannetje, tot grote vreugde van de kinderen.
We vervolgen onze verkenningstocht te voet door het historische centrum met zijn gebouwen in  lombardisch-venetiaanse stijl; hier bereiken we en beklimmen vervolgens de Torre Apponale, een 34 meter hoge toren die verrijst op de Piazza 3 Novembre, het hart van de plaats. Op de top van de toren verheft zich het symbool van Riva, Anzolim, een engel van brons. Een andere karakteristiek buurt van Riva is de wijk Marocco, waar kenmerkende hoekjes en typische uitzichten te vinden zijn.
Na een lunch rijden we door en komen langs de mooiste plaatsjes. Onderweg stappen we regelmatig uit. Zo ook in Lazise. Zodra je bij de oude haven van Lazise kom ben je waarschijnlijk in één klap verkocht. Het kleine haventje met aan de ene kant terrasjes en aan de andere kant een oude kerk betovert je meteen. Lazise stamt uit de middeleeuwen. De ommuring en de kerk San Niccolò zijn overblijfselen uit die tijd, waarin Lazise een belangrijke handelsplaats was. Dit was de tijd dat de stad Venetië één van de belangrijkste handelssteden van Europa was. Lazise profiteerde mee van deze positie van de stad op palen. In de afgelopen eeuwen is Lazisse ingeslapen. Het toerisme heeft ervoor gezorgd dat Lazise weer een groot deel van de grandeur van weleer teruggewonnen heeft. Lazise heeft een historisch centrum dat grotendeels autovrij is. De pleinen en straatjes hebben grotendeels een toeristische functie gekregen. Hier vind je hotels, Bed&Breakfasts, winkels met souvenirs, kleding, schoenen en lokale producten, ijssalons en redelijk veel restaurants en bars. We eten een ijsje, wat verkoeling is welkom. 
Zoals geschreven is de oude haven van Lazise één van de bezienswaardigheden van het dorp. De San Niccolò kerk die aan de zuidkant van de haven staat stamt uit de twaalfde eeuw. In de middeleeuwse kerk bevinden zich een aantal fresco’s die toe te dichten zijn aan de school van Giotto. Toen de kerk instortte zijn de fresco’s zwaar beschadigd. Inmiddels is een deel van de fresco’s hersteld en weer op de binnenwanden van de kerk te bewonderen.
bron: mooistedorpen.nl
visittrentinoinfo.nl
Dag 23

Verona

Vandaag toch wel een van de hoogtepunten van de reis: de Opera Aida in de prachtige Arena van Verona. Vroeg in de avond rijden we er heen en parkeren de auto. We gaan dineren bij de Arena in de buurt. Het plein wordt steeds voller en we lopen naar onze ingang. We kopen nog een kussentje en gaan naar binnen. Het blijkt dat we een plek hebben op de trap! Dat vinden we niet kunnen en we roepen iemand van de organisatie erbij. Uiteindelijk krijgen Rina en Gerard andere, betere plekken. In de pauze blijken er naast hen nog stoelen vrij en zitten we met zn vieren op een rij. Wat een spektakel, je kom oren en ogen tekort. De sfeer, het verhaal, de zwoele avond. Om nooit meer te vergeten. Na de voorstelling lopen we weer terug naar de auto, maar vele gaan eerst nog souperen. Wij niet, het is nog een stukje rijden naar de camping.

Dag 24

Sirmione

Op onze laatste dag in Italie doen we het rustig aan. We gaan zwemmen en zonnen. Gerard springt in het water en is zijn bril kwijt. Gelukkig is er iemand met een snorkel die meehelpt zoeken en hem vind. Je zou hem niet meer vinden zeg...
' s avonds gaan we naar Sirmione. Ook weer zo'n pareltje. Het ijs is er heerlijk en de wandeling prachtig. We beginnen bij de burcht. Sirmione wordt ook wel ‘de parel van het Gardameer’ genoemd. het ligt op een landtong van wel vijf kilometer lang, met aan het einde het pittoreske Sirmione. Waar je ook vandaan kom, je zal al snel de contouren van het meest herkenbare gebouw van het stadje zien, de Rocca Scaligera. Het is goed te zien dat het stadje alleen te bereiken is via een eeuwenoude ophaalbrug. Het kasteel, dat in de dertiende eeuw werd gebouwd door Mastino della Scala, is een van de best bewaarde kastelen van heel Italië. We lopen via de ophaalbrug door het drukke centrum met allerlei toeristische winkeltjes en ijssalons. Het is duidelijk, Sirmione is een echte toeristische trekpleister. We dwalen door de straatjes, kopen wat Limoncello en genieten met een grote G. 

Dag 25

Reisverslag

We staan redelijk vroeg op: het is een reisdag. Via de Brennerpas naar Bad Feilnbach.
De rit de camping af is een uitdaging: eerst strak omhoog op de camping, eenmaal daarbuiten nogmaals een klimmetje een niet overzichtelijke kruising over. Het ging goed, we hebben het gehaald.
Ook de Brennerpas is geen probleem en we komen in de middag op de camping aan. Uit ervaring weten we dat er " mittag ruhe"  is. Eenmaal bij de receptie wordt er op onze vraag voor een plekje, moeizaam gezucht en gesteund. We zijn bang dat er niet veel plaats is. Uiteindelijk lukt het en we krijgen een plekje aangewezen. Op de plattegrond staat waar we heen moeten en we gaan rijden. We rijden over een bijna lege camping...... Snappen niet wat er zo moeilijk was!

Kaiser Camping Outdoor Resort

Reithof 2, 83075, Bad Feilnbach, Deutschland
Dag 26

Bergtesgaden

Vandaag maken we een trip naar Bergtesgaden, de Obersalzberg, het buitenverblijf van Hitler. We gaan het Adelaarsnest bezoeken. Je moet je auto parkeren en met een bus wordt je naar boven vervoerd. Eenmaal boven wordt je afgezet bij een tunnel die naar de lift toe loopt. Je ga naar boven en dan snap je waarom het Kehlsteinhaus hier gebouwd is. Het uitzicht is op deze hoogte simpelweg prachtig. Zo vond ook Martin Bormann (1900-1945), Hitlers privésecretaris. In dertien maanden tijd laat hij als cadeau voor Hitlers vijftigste verjaardag in 1939 een huis bouwen op de 1834 meter hoge top van de Kehlstein.
De tunnels, steile hellingen en de vele haarspeldbochten die de weg naar het Kehlsteinhaus kent, maken duidelijk hoe ingewikkeld de onderneming geweest moet zijn. Dag en nacht wordt er door 4000 arbeiders gewerkt aan de weg en het huis zelf. Maar de Führer vindt het vervolgens niks. Zijn claustrofobie maakt de tocht met de lift naar de top geen pretje. Daar kan een flonkerend koperen lift met spiegels weinig aan veranderen. Eenmaal op de top van de berg aangekomen zorgt Hitlers hoogtevrees ervoor dat hij niet kan genieten van het weidse panorama. Voor Hitler is het huis dus geen succes; hij verblijft er nauwelijks. Veel liever is hij in de Berghof, zijn nabijgelegen eigen huis. Hitler leert de betoverend mooie omgeving kennen door een bezoek aan de dichter Dietrich Eckart (1868-1923). Eckart is nauw bevriend met Hitler en de eerste die hem in 1921 Führer noemt. Op de thee bij Eckart ontdekt Hitler hoe mooi de omgeving van de Obersalzberg is.
Het bescheiden landhuis dat oorspronkelijk op de plaats van de Berghof stond, vindt Hitler in 1936 niet meer groot genoeg voor zijn nieuwe rol als Führer. Daarom laat hij het ombouwen tot een villa met dertig kamers en een kegelbaan in de kelder.

De grote zaal van de Berghof. Het schilderij rechts van de open haard, Venus & Amor van Paris Bordone, wordt in mei 1946 door de Amerikanen overgebracht naar het Nationaal Museum in Warsaw. Het moest dienen als ‘goedmakertje’ voor alle kunst die in Polen is vernietigd tijdens de Duitse bezetting.
Führersperrgebiet
De verbouwing van de Berghof vormt het startschot voor een rigoureuze verandering op de Obersalzberg. Het lieflijke bergdorpje Berchtesgaden verandert in Führersperrgebiet, waar huizen voor onder anderen Hermann Göring en Albert Speer gebouwd worden. De vierhonderd inwoners van het dorp, die vaak al generaties lang in deze omgeving woonden, worden verdreven.
Er verrijst een compleet zelfvoorzienend complex met SS-kazerne, ziekenhuis, hotel, crèche en theater. Het Führersperrgebiet wordt omheind en bewaakt door SS’ers. Wanneer Hitler vanuit Berlijn naar zijn Berghof verkast, gaat heel zijn gevolg mee.
In 1943 verhevigt de luchtoorlog. De Berghof wordt in camouflagekleuren geschilderd. Dat neemt niet weg dat de Obersalzberg een gemakkelijk doelwit is voor bommenwerpers. Daarom wordt er binnen twee jaar een enorm ondergronds dorp gebouwd. Vijf kilometer aan gangen met appartementen, kantoren en keukens: iedereen moet ondergronds kunnen leven.

Hitler als natuurliefhebber
Zoals gezegd vormt het Adelaarsnest niet het machtscentrum van het Derde Rijk. Hitler komt er maar zelden. Toch is een belangrijke rol weggelegd voor het hele gebied op de Obersalzberg. Hitler brengt er ruim een derde van zijn regeringstijd door; er worden vele belangrijke beslissingen genomen. Tegelijkertijd maakt de propagandamachine van de nazi’s dankbaar gebruik van de prachtige berglandschappen om Hitler af te beelden als natuurliefhebber, kindervriend en groot staatsman.
Na juli 1944 komt Hitler nooit meer op de Obersalzberg. Nog op 22 april 1945 vertrekt een vliegtuigje uit Berlijn naar het gebied. Hitler heeft bevolen dat al zijn persoonlijke papieren verbrand moeten worden. Drie dagen later bombarderen de Britten het gebied. De Berghof wordt verwoest, het Kehlsteinhaus overleeft het bombardement.
Het dorp Berchtesgaden probeert na de oorlog de traditie van kuuroord voort te zetten en het bruine verleden zo snel mogelijk te vergeten. Gewiekste zakenlui zien kansen in het gebied en verzorgen tripjes voor geschiedenisfanaten, nazi-adepten en rechtsextremisten. Daarom schonen de Amerikanen het gebied grondig op. De bunker onder het gebied en het Kehlsteinhaus blijven behouden.
Sinds april 1952 wordt het Kehlsteinhaus als restaurant gebruikt. De belangrijkste inkomsten voor de omgeving komen van de Amerikanen. Zij gebruiken de omgeving van Berchtesgaden als Armed Forces Recreation Center en leggen er tennisbanen, golfbanen en skiliften aan.
Adolf Hitler en Eva Braun met hun honden bij de Berghof (foto: Wikimedia)
Gezellig café-restaurant
In 1997 wordt het hele gebied op de Obersalzberg vrijgegeven. Sindsdien is het Kehlsteinhaus een – eerlijk is eerlijk – gezellig café-restaurant. Vooralhet prachtige uitzicht wordt daar benadrukt. Er is weinig dat direct herinnert aan de geschiedenis. De rode marmeren haard is een cadeau van Mussolini; veel directer wordt het niet. Voor uitleg over het gebied moet je in het documentatiecentrum zijn. Op de plek waar in nazitijd een Gästehaus was, is nu een tentoonstelling gevestigd over het Hitler-regime. Via dit documentatiecentrum bereik je een deel van het immense bunkercomplex.
Met de uitleg over de naziterreur nog in gedachten loop je door de vochtige en grauwe schuilkelder. Het contrast met het prachtige weidse uitzicht bovenop de Kehlstein kan niet groter zijn. Die indruk blijft je als bezoeker van het Adelaarsnest en het Führersperrgebiet bij: een prachtige omgeving met een bittere smaak.

bron: geschiedenisbeleven.nl
Dag 27

Rondrit in de omgeving

We rijden rond en bezeilen in het Markus Wasmeier museum. een werkelijk leuk openluchtmuseum waar de tijd van vroeger wordt getoond. Er zijn diverse gebouwen te bezichtigen en het geheel is overzichtelijk en ruim opgezet. We hebben er een leuk aantal uren. 
We rijden verder naar de Tegersee en nemen een koffie met een heerlijke punt. Zoals alleen je dat in Duitsland kan doen!
Dag 28

Reisverslag

We reizen verder. We willen nog schloss Neuschwanstein bezoeken en besluiten dichterbij een camping te zoeken. De rit verloopt probleemloos en ook op de camping  gaat alles goed. Er is een gezellige gezelschapskamer en we spelen een potje Keezen en 51tigen.

Kur und Vitalcamping

Walter-Schulz-Str. 4-6, 86825, Bad Wörishofen, Deutschland
Dag 29

Slot Hohenschwangau

We rijden naar Fussen en eenmaal aangekomen bij de kassa blijkt dat we geen kaartjes kunnen kopen voor schloss Neuschwanstein. Wat een domper. Wel kunnen we schloss Hohenschwangau bezoeken. Dat maar doen dan. Met paard en wagen gaan we naar boven. Het warme weer is inmiddels omgeslagen en we hebben regelmatig een buitje. We lopen het laatste stukje naar boven en staan in de rij voor onze excursie. 
De oudste vermelding van kastelen op de plek van de huidige burcht Neuschwanstein stamt uit 1090. Daarmee werden de dubbelburchten Vorder- en Hinterschwangau bedoeld. De ruïnes van deze burchten hebben tot de bouw van het huidige kasteel op de rotsen gestaan. Op deze dubbelbucht woonden de heren van Schwangau. De beroemdste bewoner uit die tijd is wel de minstreel Hiltbolt von Schwangau (*ca. 1190-1256). In 1363 kwam Tirool onder Habsburgs gezag te staan en in 1397 wordt voor het eerst de naam Schwanstein genoemd, het tegenwoordige Slot Hohenschwangau, onder de oudere dubbelburcht die lastiger te bereiken was. Nadat de heer Ulrich von Schwangau in 1428 zijn heerschappij over zijn vier zonen verdeeld had, kwam het eens trots geslacht in verval. In 1440 werd het slot verkocht aan de hertog van Beieren. In 1536 stierf het geslacht uit. De dubbelburcht en Slot Hohenschwangau vervielen meer en meer. Het slot werd in de zeventiende eeuw gebruikt bij de berenjacht. Met de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) zette het verval echt door en in 1743 werd het slot ook nog geplunderd in de oorlog om de Oostenrijkse erfopvolging. Pas in 1803 kwam het Slot Hohenschwangau definitief in bezit van het koninkrijk Beieren. In 1820 werd het slot door de koning verkocht voor 200 gulden om afgebroken te worden. Maar in 1821 kocht de vorst Lodewijk van Oettingen-Wallerstein het kasteel voor 225 gulden om het voor de sloop te behoeden, de ligging was dan ook prachtig. 

Foto: www.bavaria.by

De kroonprins Maximiliaan was helemaal weg van het Slot Hohenschwangau en zijn ligging en verwierf het slot in 1832 voor zichzelf. Hij hernoemde het slot naar zijn huidige naam. Maximiliaan liet het slot in 1837 door de architect en decorbouwer Domenico Quaglio, daarbij bijgestaan door de architect Georg Friedrich Ziebland, in neogotische stijl verbouwen. Toen in 1848 Maximiliaan koning geworden was, diende het slot als zomerresidentie van de koninklijke familie. Sinds 1923 wordt het slot als museum gebruikt. In het huidige Slot Hohenschwangau zijn voor een deel de buitenmuren uit de periode 1537 tot 1547 behouden. Het hoofdgebouw van vier verdiepingen dat in neogotische stijl is uitgevoerd, heeft een gevel die geel geschilderd is. Het gebouw heeft drie ronde torens en het poortgebouw heeft drie verdiepingen. Het museum bevindt zich in het hoofdgebouw. De inrichting in Biedermeierstijl is onaangetast gelaten. De meer dan negentig muurschilderingen in het gebouw zijn uitgevoerd door Moritz von Schwind en Ludwig Lindenschmit de Oudere, geholpen door Wilhelm Lindenschmit de Oudere. De thema’s van de schilderingen zijn de geschiedenis van het slot en middeleeuwse heldensagen die op hun beurt weer de inspiratie vormden voor de componist Richard Wagner.
bron: romantischestrasse.nl
Dag 30

Reisverslag

Vandaag rijden we naar Schweppenhausen. We hebben er op de heenreis ook prima gestaan. Het opzetten van de tent is inmiddels routine geworden en snel klaar. We eten nog een laatste schnitzel en gaan lekker slapen.

Camping Aumühle, Naheweinstraße 65, Schweppenhausen, Duitsland

Naheweinstraße 65, 55444 Schweppenhausen, Duitsland
Dag 31

Reisverslag

Na een heerlijke laatste nacht op de Camping zijn we weer in Nederland. De reis gaat goed en we komen voorspoedig aan.
Wat een belevenissen hebben we gehad de laatste 4 weken. We hebben genoten van Italie, het weer en ook elkaar. 
Tot de volgende keer.

Camping Californië, Horsterweg, Grubbenvorst, Nederland

Horsterweg 23, 5971 ND Grubbenvorst, Nederland